
December. Maand van de waanzin.
Er komt zoveel samen in die maand, dat er grote behoefte bestaat aan een ‘december-spreidingswet.’ December hoort de tijd van overdenkingen en reflecterend terugblikken te zijn om daarna met hernieuwde moed (en misschien wat hoop) het nieuwe jaar in te gaan. In plaats daarvan is december de prullenbak van het afgelopen jaar. Alles wat nog niet aan bod is geweest of traditie is, vult december. De mensen kunnen het maar nauwelijks verdragen. Het grootste monster in deze maand is de onverzadigbare hebzucht van de commercie. Handig inspelend op het sentiment van de consument zorgen elk jaar voor topomzetten in december. De consument biedt weinig weerstand. Het startschot wordt eigenlijk al in november gegeven met het uit de V.S. overgewaaide Black Friday, dat allang niet meer één dag is maar zo lang mogelijk wordt doorgetrokken.
Liefst tot aan het sinterklaascircus.
Want dan barst de decemberstress écht los. Gezinnen met kinderen op de basisschool krijgen allerlei verzoeken via beveiligde terror-app’s als Parro tot verkleedpartijen, surprises, hapjesmakerijen, versiersessies en opruimcorvee. Allemaal verpakt in gekunstelde vrolijkheid. En tussen het maken van surprises door, moeten er cadeautjes worden gekocht. Niet alleen voor in de surprises, maar ook voor de sinterklaasvieringen bij familie. Na Sinterklaas lopen velen al op hun tandvlees. Alsof niemand al elf maanden lang aan het ploeteren is en topfit december ingaat. Als de rook opgetrokken is van het vijf december slagveld en mensen nog aan het opkrabbelen zijn slingert de commercie meteen op zes december al het kerstspook onze huiskamers in.
Niets zorgt voor zoveel jeuk als het hemeltergend sentiment dat ons in kerstreclames ongegeneerd wordt ingewreven. Als lammeren naar de slachtbank laat de koopzieke consument zich inpakken door de Bolpuntcom’s, de Jumbo’s en de hamsters van AH. Als triest dieptepunt en onweerlegbaar bewijs van gebrek aan creativiteit zijn er de reclames met op voor- of achtergrond WHAM! of Mariah Carey. (Chris Rea heb ik daarentegen nog maar nauwelijks gehoord. Misschien is hij eindelijk thuis.) Sommige commerciële grootmachten herhalen gewoon de kerstreclames van vorig jaar. Waarschijnlijk door gebleken succes. Want de kerstgedachte is alleen maar opportuun als er harde pegels binnen geharkt kunnen worden.
Het is natuurlijk ten strengste verboden om vóór Sinterklaas al de kerstboom op te zetten. Toch doen mensen dat. Dan zijn ze vast van die stress af. Voordat het steeds korter wordende lontje helemaal is opgebrand. Zo strompelen we richting Kerstmis. Lichtpuntje is dat er twee á drie dagen zijn waarin families samenkomen. De sleet zit daar sinds de covid-19 pandemie overigens ook al behoorlijk in. Ik spreek nogal eens mensen waarvan familieleden die het goed met elkaar konden vinden, elkaar nooit meer willen zien. Complottheorieën, vaccinatieconflicten en politieke keuzes hebben voor onbeschrijflijk veel leed binnen voorheen hechte families gezorgd. Bij de families waar het wel goed gaat overheerst de opluchting dat het jaar er bijna opzit. ‘Goddank’ is bijna hoorbaar bij het heffen van het glas.
In de tijd tussen Sinterklaas en Kerstmis worden diners gepland, afspraken gemaakt, kinderen verdeeld over gescheiden ouders. Werkende ouders hebben het dubbel zo zwaar. Meedogenloos wordt er nog van alles van de doorsnee werknemer verwacht voordat het jaar afgesloten kan worden. Gezegend zijn degene die tijdig hun vakantie hebben doorgegeven en vrij zijn in de weken rond de jaarwisseling. Maar dat zijn er niet veel. De mensen waar ik om geef, zie ik in geen enkele maand zo weinig als in december. Nergens komt de oplopende stress zo goed tot uiting als in het verkeer. En dan met name bestuurders van personenauto’s. Mensen banen zich vloekend, tierend en toeterend een weg naar hun bestemming. Hoe dichter bij kerst, hoe groter het ongeduld. Vrede op aarde, maar pas als ik daar ben waar ik wezen moet. Halverwege december is de lont bij de meeste mensen al zo goed als opgebrand. Ouders worden weer volop betrokken rond het kerstdiner van hun kroost op scholen. De glühwein vloeit rijkelijk de kelen van de ouders in op het schoolplein. Een tijdelijke ontlading van de voorbereidingsstress.
In het begin noemde ik de ‘spreidingswet voor december’. Want waarom niet Kerstmis verplaatsen naar begin juni? Niemand weet wanneer Jezus is geboren, dus waarom vasthouden aan een traditie die een belangrijke component toch al voor eeuwig heeft verloren: sneeuw.
Als je Kerstmis weghaalt uit december, dan blijft er over wat belangrijk is en waar je kerstmis eigenlijk helemaal niet voor nodig hebt. Oog voor elkaar, voor de wereld en vooral hoe we het volgend jaar beter kunnen doen. Want, laten we eerlijk zijn, we maken er een flinke puinhoop van. Dat moet écht beter.
December is de beste maand om juist dat met elkaar te bespreken. Maar ja, kerst, hè. Traditie.

Geef een reactie