
Menno Voorwinde 29 oktober 2026
De twee seizoenen die ik het meest vrees, zijn begonnen.
Zonder dat er een blaadje is gevallen, kan mijn stoma vertellen dat het herfst is geworden. De luchtkwaliteit verschuift van vochtig naar droog. Mijn stoma laat me duidelijk weten het daar niet mee eens te zijn. Zijn onverzettelijkheid is gekmakend en hij heeft een machtig wapen. Het laten knappen van aders die mijn luchtpijp behangen. Ik ontkom er niet aan, want ik moet een keer of vier per dag mijn stoma reinigen. Bloedproppen en longslijm (vaak van een bedenkelijke kleur) blokkeren mijn ademhaling. Niet zelden word ik ’s nachts wakker omdat ik zuurstof tekort kom. Ik moet dan als de sodemieter m’n nest uit om aan de vernevelaar te hangen. Gevuld met vloeibare longmedicatie en natriumchloride moet de vernevelaar de weg vrij maken naar mijn longen. Dat werkt goed. Het losgemaakte spul kan nu worden verwijderd door flink te hoesten en de luchtpijp te schrapen met een zogeheten ‘schwab’ (wattenstaaf op anabolen). Dat ritueel is dagelijkse kost; al bijna zes jaar lang. In de herfst en winter leidt dit proces regelmatig tot een bloedbad. Al vele keukenrollen heb ik volgebloed dankzij schrapen met de schwab.
De tijd dat ik ervan schrok ligt ver achter me.
Wat me verontrust is de verergering naarmate de jaren verstrijken. Hoewel de status van mijn longen weinig te maken heeft met de rest van mijn medische ongemakken, lijkt het er wel gelijke tred mee te houden. Het wordt daardoor steeds lastiger gaatjes te vinden voor dingen die ik leuk vind om te doen. En dan laat ik buiten beschouwing dat ik razendsnel uitgeput kan raken. Op het laatste feestje heb ik het vier uur kunnen volhouden. (Mijn luchtpijp gaat sneller verstopt zitten als ik veel ouwehoer met mijn TruTone op de keel.} De trillingen die daarmee gepaard gaan stimuleren longslijm mijn luchtpijp te barricaderen. Ik moet dan vrij snel aan de vernevelaar (dus naar huis). Als ik dan ergens op een uur (of meer) afstand iets wil doen, neem ik tegenwoordig een groot risico. Bij dreigende verstopping moet ik dan allerlei maatregelen vooraf nemen. Ik heb een tasje met benodigdheden die me naar huis moeten kunnen loodsen. Belangrijkste daarvan is het sprayflesje met natriumchloride 0,9% die een gedeelte van de barricade in een gel-achtige substantie verandert. Dan de schwab erdoorheen en ik kan weer een uurtje vooruit. In de herfst en winter brengt dat wel een risico met zich mee, namelijk dat er een ader knapt. En dan zijn de rapen gaar want het bloedbad dat dan volgt kan wel tot een uur duren en gaat gepaard met veel gehoest omdat het bloed zich – uiteraard – aan de zwaartekrachtregels houdt en mijn longen in sijpelt.
Je moet er toch niet aan denken dat je dat gebeurt als je in het theater zit.
Het risico neem ik wel. Niet meer zo vaak als vroeger, hoewel ik daar wel weer naar streef. Vooralsnog is het enige uitje dat vaststaat pas in april in Bodegraven. Hier en daar heb ik nog was losse afspraken gemaakt met vrienden en familie, maar dat is zelden een vastigheidje. Ik merk dat ik afleiding tekort kom. Afleiding van mijn malende hoofd, afleiding van de ongelooflijke teringzooi in de wereld en afleiding van de immer loerende depressiviteit. Ik lees allang niet meer de vier kranten waarop ik ben geabonneerd. Ik trek nog net het journaal van 18:00 uur. De talkshows zijn dan weer een gunstige droevigheid. Ik moet wel iets hebben om op te kunnen kankeren. En er valt wat te kiezen. Als er ergens teveel populisten (of Angela de Jong) zijn aangeschoven ga ik op zoek naar iets anders.
Want teveel aan ellende in de wereld doet weliswaar niet mijn aderen bloeden, maar wel mijn hart.

Geef een reactie