Menno Voorwinde, 21 augustus 2026

“Ik moet hem zeker even helemaal laten zakken, hè?”

Op het laatste moment was mijn afspraak verzet van 9:00 uur naar 8:45. Vanochtend kreeg ik dat bericht. Plotseling moest ik gaan haasten. Precies één minuut voor kwart voor negen had ik mij aangemeld bij de zuil in de huisartsenpraktijk. Ik was op dat moment de enige in de wachtruimte. Terwijl ik wachtte druppelde de wachtruimte langzaam vol. “Controleren ze hier streng op parkeren?”, vroeg de man van een al wat ouder stel. “Geen idee, ik heb een app om te parkeren,” antwoorde ik. “Oh, hebben ze tóch een parkeerzuil. Ik kon ‘m niet vinden!” “Hij staat op de hoek bij de school,” zei ik terwijl ik in de juiste richting wees. Beteuterd bleef de man voor het raam staan, speurend naar parkeerwachters.

Ondertussen was er een vrouw van mijn leeftijd naast me op de wachtbank gaan zitten. Ze had een vriendelijk gezicht. Ik was de dagelijkse post van Nico Dijkshoorn over steeds weer hetzelfde schilderij van Breitner aan het lezen, toen ze plotseling tegen me zei: “Leuk hè? La Linea” en knikte naar mijn pukkel (nee, geen puist maar een tas). Daar staat een afbeelding van La Linea op. Ze begon een verhaal over haar zoon die voor haar een afbeelding van La Linea had uitgeprint. Ik kon haar enthousiaste, maar nogal saaie vertelling onderbreken door mijn haar opzij te doen en haar mijn tattoo van een verontwaardigde La Linea (vanwege het gat in mijn keel) te tonen. Ze moest lachen en ik tipte haar over een site voor La Linea prularia. Voordat ik klaar was, werd ik binnengeroepen door mijn huisarts.

In vergelijking met de vorige keer dat ik haar consulteerde was ze significant afgevallen (Ozempic?). Ik hield me in en maakte het voor de hand liggende grapje niet. Ik was sowieso verbaasd dat zij mij ontving, omdat ik – wegens overweldigende drukte – toegewezen was aan een arts i.o. Mijn huisarts kon daar kort over zijn. Ze was ziek. Vandaar dat de afspraak op het laatste moment naar 8:45 was verzet. Dat ik uiteindelijk toch pas om 9:00 werd geholpen liet ik onbenoemd. Ik had namelijk wel wat anders aan mijn schaamstreek.

Een liesbreuk ter grootte van een golfbal.

“Ja, doe maar. Even helemaal laten zakken,” zei mijn huisarts zo neutraal mogelijk. Als een slak trok mijn geslachtsdeel zich terug in zijn huisje. Niet dat ik mij schaam, maar ongemakkelijk blijven dit soort confrontaties wel. “Oh ja, nou ja dat is wel duidelijk,” zei de arts al voordat ze had ‘gevoeld.’ Gelukkig hoefde ze niet lang te voelen, want verder in zijn schulp kon mijn geslachtsdeel niet kruipen. Ik had de arts ondertussen verteld dat tijdens mijn laatste ziekenhuisopname de liesbreuk al was geconstateerd, maar dat ze toen andere prioriteiten hadden. Mijn leven zien te redden, onder andere. Ze had het rapport hierover gelukkig ontvangen en gelezen. “Het houdt ook niet op bij u, hè?” Ik knikte en haalde – enigszins geforceerd – mijn schouders op.

De reden dat ik me nu meldde is omdat ik er door zijn explosieve ‘groei’ er pijn en last van heb. Vooral als ik hoest en dat doe ik nogal veel. Dat kan alleen redelijk pijnvrij als ik zit. Niet ideaal. Dus heb ik nu een afspraak op de laatste dag van augustus voor een intake om de liesbreuk operatief een lesje te leren. Tegelijkertijd heb ik (weer) een enorme vochtophoping in mijn buik en benen. Drie kilo erbij in een week tijd. Hierdoor drukken mijn organen pijnlijk tegen mijn ribbenkast aan en zorgt waarschijnlijk voor extreme kortademigheid. Maar dat is een ander verhaal dat wel al in gang is gezet, maar nog wat staartjes moet krijgen.

Gelatenheid moet ik nog leren koesteren.

 

Disclaimer: Lees gratis, doneer vrijwillig.

Met trots aangedreven door WordPress


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *