
Menno Voorwinde, 27 augustus 2026
Afgelopen maandag moest ik me weer eens melden voor een dagopname in Tergooi ziekenhuis, Hilversum.
Mijn gewicht was in korte tijd met meer dan twee kilo toegenomen. Dat is de kritieke grens waarbij ik aan de medische bel moet trekken, omdat dit duidt op vochtophoping. Nu had ik die conclusie zelf al getrokken. Mijn enkels waren onvindbaar verstopt in een vochtfjord en mijn ingewanden werden meedogenloos tegen de binnenkant van mijn ribbenkast geplet. Nadat mijn dochter telofinisch contact had gehad met Tergooi, werd door een MDL arts (niet mijn reguliere) besloten dat drainage van het opgehoopte vocht nodig was. Hij hoefde mij daar niet voor te zien en had daarom een dagopname ingepland.
Het zat me dwars dat ik nog niet zolang geleden – tijdens mijn delierenorgie – ook al een enorme vochtophoping in mijn buik had. Dat wat toen het gevolg van disfunctionerende nieren en lever. Althans dat dachten de behandelende medici. Het is nooit definitief vastgesteld.
Enfin.
Via de SEH kwam ik bij mijn voorlaatste dagopname, in het VUMC Amsterdam, terecht. Ik had last van extreme benauwdheid. Nadat door röntgenfoto’s was vastgesteld dat mijn longen geen noemenswaardige afwijkingen vertoonde, werd nog wel even mijn bloed onderzocht. Dat resulteerde in de vaststelling dat ik een bijzonder lage HB (Hemoglobine) waarde had. Bloedtransfusie dus. Twee zakken werden erin gejast.
Dat gaf hoop voor de toekomst, totdat ik in Tergooi werd opgenomen.
Het eerste uur ging verloren aan gekmakende bureaucratie. Mijn dossier in Tergooi is ellenlang, maar toch wordt ik elke keer behandeld alsof ik voor het eerst wordt opgenomen. Ik had geluk. Ik kwam op de voorbereidende zaal terecht, waar twee verpleegsters zich over mij ontfermden. Ze waren samen goed voor vijftig jaar ervaring. Het infuus was snel aangelegd en ik drong erop aan dat ik aanvullend bloedonderzoek zou krijgen, omdat ik uitsluitsel wilden hebben over mijn nier- en leverfunctie. De verpleegster had daartoe geen opdracht gekregen, maar vond een in het systeem een gepland onderzoek over enkele maanden dat ze kon kopiëren. “Ik zet dat er ‘stiekem’ in,” zei ze. De schat.
Dat was maar goed ook. Mijn HB waarde was – weer – extreem laag. Nog lager dan voor de vorige bloedtransfusie. Namelijk 3.0 (een volwassen man moet tussen de 8,5 en 11 millimol per liter zitten). Wat uitsluitend een buikdrainage had moeten worden eindigde met een encore van drie bloedzakken en een nacht in het ziekenhuis. De buikdrainage verliep voorspoedig. Vrijwel pijnloos werd op de afdeling radiologie een drain aangebracht. Al vrij snel was mijn buik verlost van 3136 ml geelachtig vocht. Het gaf onmiddellijk verlichting. Mijn ingewanden eisten hun rechtmatige plek weer op en het wachten was nu op de bloedtransfusie. Het was duidelijk dat de drie bloedzakken er niet voor een uur of twee ’s nachts zouden inzitten. Er werd contact gezocht met afdeling D4 voor nachtopname.
Het zweet brak me uit.
Mijn persoonlijk hel is afdeling D4. Zie onder andere het stukje Tartarus dat ik hierover schreef. Ik weet niet wie of wat me te hulp schoot, maar de verhuizing naar D4 ging niet door. Ze zaten vol; geen kamer meer vrij. Ik kreeg een kamer op de klinische afdeling van de dagopname. Een troosteloos kamertje met een troosteloos uitzicht, maar desondanks een godsgeschenk.
Om half twee ’s nachts zat de laatste bloedzak erin. De rest was uitzingen. In het artsen en verpleegoverleg was op mijn aandringen besloten dat ik frequenter gecontroleerd moet worden op verschillende lichaamsfuncties. Mijn vaste MDL arts had daaropvolgend precies één dag nodig om een controle in te plannen voor eind september.Ik hoop dat ik het haal. Na drie dagen exact hetzelfde gewicht te hebben ben ik vandaag in één dag ruim een kilo aangekomen.
Aankomende maandag heb ik een intake voor een liesbreuk met expansiedrift.
Dat zou zomaar een raar staartje kunnen krijgen.

Geef een reactie